De aanschaf van de auto en de BPM

Wie in Nederland een auto koopt, of een auto uit het buitenland naar Nederland laat importeren, krijgt te maken met de zogenaamde BPM, ook wel bijtelling genoemd. BPM is de afkorting voor ‘belasting van personenauto’s en motorrijtuigen’. Iedereen in Nederland die een personenauto, bestelauto of motor koopt, moet in principe BPM afdragen aan de overheid. Maar hoe hoog de BPM is, is afhankelijk van verschillende factoren. Er zijn dus geen standaardbedragen die autobezitters moeten betalen per auto. De belasting is onder andere afhankelijk van bijvoorbeeld de uitstoot van de hoeveelheid CO2 en het gewicht van de auto. Ook het soort brandstof maakt uit voor de hoogte van de BPM.

Aangifte doen
Als je een auto of een motor koopt, moet je in principe BPM betalen over het voertuig. Een klein lichtpuntje: als het goed is, doet de importeur of de autodealer aangifte van de aanschaf van de auto. Dat scheelt de consument een hoop administratieve rompslomp.

Het verschilt per situatie wie de BPM moet aangeven bij de Belastingdienst en wie de BPM feitelijk afdraagt. In sommige gevallen zit de belasting namelijk al bij de nieuwprijs inbegrepen, en betaalt de verkopende partij dus de BPM. Voertuigen die in Nederland gekocht worden, of naar Nederland zijn geïmporteerd, worden opgenomen in het Nederlandse kentekenregister. Daarover gaat de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW). In dat geval betaalt de importeur of de autodealer de belasting en zorgt voor de aangifte.

Zelf aangifte doen
In sommige gevallen moet je als consument zelf aangifte doen bij de Belastingdienst. Dat gebeurt bijvoorbeeld als je een Duitse auto hebt, met dus een Duits kenteken. Een dergelijke auto is ‘buitenlands’. Om die reden moet je zelf aangifte doen en zorgen dat je een Nederlands kenteken in bezit krijgt. Met dit kenteken kan vervolgens ook de wettelijk verplichte autoverzekering worden afgesloten, en kom je terecht in het kentekenregister van de RDW. Bij het importeren van het buitenlandse voertuig kan de consument echter te maken krijgen met douanerechten en wellicht de omzetbelasting. Je betaalt dus niet alleen de BPM.

Wie zijn bestelauto laat ombouwen tot een personenauto, brengt een grote wijziging aan aan zijn voertuig. In dit geval wordt de BPM ook anders berekend, omdat de zakelijke situatie wijzigt in een particuliere situatie. Wordt het interieur ook letterlijk gewijzigd, dan kan het zijn dat je meer of minder belasting moet betalen.

Wil je langer dan 14 dagen in Nederland rondrijden met een buitenlandse (bestel)auto of motor, dan moet je een kentekenregistratie aanvragen. Voor periodes korter dan 14 dagen is het toegestaan met een buitenlands kenteken zonder BPM af te dragen op de weg te rijden. Let wel: zorg dat je voldoende verzekerd bent. Ook voor buitenlandse voertuigen gelden dat deze verzekerd moeten zijn.

Tot slot, bij aankoop van een bestelauto in Nederland kan het zijn dat deze auto zodanig schadelijk is voor het milieu, dat er BPM over betaald moet worden. In dat geval doe je aangifte bij de Belastingdienst en laat je het kenteken registreren bij de RDW. Daarna zal de Belastingdienst de RDW zo spoedig mogelijk berekenen.

Uitzonderingen
Als je als particulier een bestelauto koopt omdat deze beter aansluit bij je persoonlijke wensen, dan ben je verplicht BPM te betalen. Daarover zal de Belastingdienst dan ook een bericht sturen. Maar als je als ondernemer geregistreerd staat, kan het zijn dat je geen belasting hoeft te betalen. De voorwaarde is dan wel dat ten minste tien procent van de gereden kilometers per jaar gereden zijn voor zakelijk gebruikt.

Daarnaast zijn er nog gehandicapten die de bestelauto kunnen gebruiken voor het vervoer van de scootmobiel of de rolstoel. In dat geval kan het zijn dat er achteraf geen BPM berekend had hoeven worden. De BPM wordt dan verrekend met de volgende aanslag, of wordt terug uitgekeerd aan de registrant van de auto.

Netto catalogusprijs
Personenauto’s vallen onder de netto catalogusprijs. Dit houdt in dat de BPM alleen berekend wordt over de netto catalogusprijs, zonder omzetbelasting. Ook over gebruikte, tweedehands bestel betalen consumenten gewoonweg de BPM. Het gaat daarbij niet om de dagwaarde, maar de werkelijke catalogusprijs van het moment dat het voertuig voor het eest in gebruik is genomen. Het maakt dus niet uit als je een tien jaar oud busje koopt: je betaalt over de nieuwwaarde van tien jaar geleden de BPM.

Hoe hoog de BPM is, verschilt per auto. Op de website van de Belastingdienst staat een tabel waarmee de BPM te berekenen valt. Sommige auto’s worden echter vrijgesteld. Dat gebeurt bij zeer energiezuinige auto’s die 0 gram per kilometer CO2 uitstoten.

Vorig artikel:

Volgend artikel: